Archief | juni, 2013

een luchtig tussendoortje

27 Jun

Ik (terwijl ik de parking van de Decathlon oprijd) : Dit is mijn lievelingswinkel.

Tia (spontaan als altijd) : Mijn lievelingswinkel is een schoenwinkel.

Arte (deze keer zeer voorspelbaar) : Mijn lievelingswinkel is een winkel waar ze tekengerief en zo verkopen.

Tia : Wat zou papa’s lievelingswinkel zijn?

En vlak erna

Tia (weeral spontaan) : oh ja, ik weet het, een BH-winkel

In koor (vrouwen onder elkaar) : *proest*

Enkele uren later…

Tia :Wil je dat niet tegen papa zeggen, dat van die winkel?

ik (hypocriet) : Neen, hoor. (en ik zal er ook niet over bloggen)

Advertenties

stelling 2: het leven is geen feest (deel 2)

26 Jun

In onze living staat de zithoek niet in een hoek, maar centraal.  Mijn man zit in de zetel, Arte zit aan zijn linkerkant aan tafel en ik zit aan zijn rechterzijde achter de pc (maar dat zal de lezer niet verbazen). “We worden op school verwacht, Arte. Wat is er loos?” vraagt hij geïnteresseerd. Ze verkleurt lichtjes, wordt een beetje nerveus en zegt dan dat ze het niet weet. Haar vader nodigt haar uit om naast hem in de divan plaats te nemen en trekt haar zachtjes tegen zich aan. Van hem kan ze dat verdragen.   Inmiddels ben ik zelf ook in de zetel gaan zitten, zo een metertje van haar af om haar nood aan persoonlijke ruimte te respecteren.

Even kan ze haar vermeende onwetendheid nog aanhouden en dan komt het eruit. Ze vindt het verschrikkelijk dat ze geen gezelschap heeft tijdens de pauzes en voelt zich enorm eenzaam. Het weegt zo zwaar op haar dat ze ’s avonds vaak in haar bed ligt te huilen. Nooit hebben we iets gemerkt van dit stille verdriet. Integendeel, we zien haar altijd rondlopen met een big smile. We schrikken van haar bekentenis, we schrikken heel hard.  En dan breekt Arte. Ze begint te huilen, onbedaarlijk te huilen. We laten haar uitwenen en luisteren verder naar haar miserie. Haar vader streelt zachtjes haar arm en geeft haar een troostend kneepje in haar knie.  Dan zegt hij  “zou je nu niet willen dat mama dichterbij komt zitten?”.  Ja, dat wil ze wel. Ik ben verbaasd, maar laat het me geen twee keer zeggen en schuif tegen haar aan.

Zo zitten we dan met ons drietjes, knusjes tegen elkaar aan. Een zeldzaam tafereeltje en met Arte zo dicht tussen ons geklemd,  babbelen we verder. Af en toe begint Arte opnieuw te snikken. Mijn moederhart smelt.  Ik zou haar zo graag eens vastpakken, maar ik heb geleerd om dit niet meer te doen. In het verleden heb ik immers meermaals geprobeerd om op een speelse manier knuffels te bekomen, maar helaas eindigde dat altijd op blauweplekkentellen. Toch zeg ik haar na een tijdje dat ik haar zou willen troosten door haar eens goed te knuffelen, maar dat ik weet dat ze dat niet wil. “Ja, doe dan dan” zegt ze op haar typerende zangerige toon die het midden houdt tussen “eigenlijk kan ik het nu wel gebruiken” en “doe wat je niet laten kunt”.  Mijn man en ik schieten tegelijkertijd in een lach en ook Arte kan er de humor van inzien. Later zeg ik tegen mijn man dat ik denk dat we best professionele hulp zoeken voor Arte.

Een week later zitten mijn man en ik rond de tafel met de gonbegeleidster, de leerlingenbegeleidster en de coördinatrice van de dienst leerlingenbegeleiding. Deze laatste heeft ons gecontacteerd.  We vernemen dat Arte om een banale reden straf moest schrijven tijdens de turnles. Deze tekst die over de school handelde bleek zo verontrustend te zijn dat de turnleerkracht er onmiddellijk mee naar de leerlingenbegeleidster stapte.  We krijgen de tekst niet te lezen, vragen er niet achter om de privacy van Arte niet te schenden (goed bezig hier!), maar krijgen te horen dat depressies bij jongeren een veel voorkomend fenomeen is en dat dit helaas soms uitdraait op zelfmoord. Meteen erachter stellen ze ons echter gerust. In deze situatie is het nog niet zo een vaart aan ’t lopen is, maar dat betekent niet dat we Artes probleem mogen minimaliseren.

Een halve week eerder had Arte een huistaakje laten rondslingen bij de PC.  Naar aanleiding van een schoolvoorstelling moest ze enkele vraagje beantwoorden over groepen. Er werd o.a. gevraagd wat de nadelen zijn van een groep.  Artes antwoord verbaasde me niets.  “Het nadeel van een groep is dat je je anders moet voordoen dan je bent om erbij te horen,” had ze genoteerd.  Dit vat volgens mij de essentie van haar probleem samen.  Verder moest ze drie veilige en evenveel onveilige groepen opsommen.  Ik was gerustgesteld toen ik las dat ze haar klas, de atletiek en de kunstacademie beschouwt als veilige groepen. Dat ze de school (grote campus) en de speelplaats als onveilig percipieert, verbaast me niets. Haar numero uno van onveilige groepen was echter een enorme schok voor mij: het gezin.

wordt vervolgd…

stelling 2 : het leven is geen feest (deel 1)

14 Jun

Mijn partner is een fantastische vader voor onze kinderen. Als ik heel eerlijk ben, moet ik toegeven dat het vaderschap hem beter afgaat dan mij  het moederschap. Hij praat meer met de kinderen, ravot meer met hen en is ook consequenter in het opvoeden.  Bovendien kan hij zichzelf veel beter voor hen wegcijferen dan dat ik dat kan/doe.   Soms ben ik immers nogal op mezelf gericht.  Ik besef dat er veel betere moeders op de wereld rondlopen dan ik, maar ook veel slechtere. Niet erg, het bewijst weeral dat ik een middelmaat ben en voor mij is dat oké.  Trouwens, moeders die steeds willen bewijzen hoe perfect ze zijn in hun moederrol, werken me danig op de zenuwen.

Samen kinderen opvoeden is alleszins geen gemakkelijke opdracht.  Daarom heb ik  een mateloze bewondering voor gescheiden ouders die deze taak samen met een nieuwe partner opnemen en dit niet alleen ten behoeve van hun eigen kinderen.  Elk kind is anders en ik ben ervan overtuigd dat je je kinderen niet volledig hetzelfde kan opvoeden, of ze nu uit dezelfde nest komen of niet.  De basisprincipes blijven uiteraard hetzelfde, maar ieder kind is uniek en vereist bijgevolg een andere aanpak. En welk kind voel je beter aan dan je eigen kind? Geen enkel, dacht ik vroeger, doch hierin schuilt de grootste illusie van het moederschap.

Voor ik moeder werd, had ik een geïdealiseerd beeld van de moeder-kind relatie. Ik dacht dat mijn  kind een soort verlengstuk zou zijn van mezelf, waardoor ik feilloos zou aanvoelen hoe het zich voelt en wat het nodig heeft, een beetje zoals bij een siamese tweeling. Reeds vanaf de eerste kakkebroek besefte ik dat dit bullshit is. Zolang ze zich niet verbaal kunnen uitdrukken, heb je er sowieso het raden naar wat ze nodig hebben. Maar als ze dan eindelijk kunnen praten, neemt dit na een tijdelijke verbetering een diepe duik in de puberteit. Zeker als het een etiketjeskind betreft… Laat ik haar vanaf nu gemakshalve Arte dopen.

Arte heeft veel talenten. Ze is bijzonder creatief, heeft een grote algemene kennis en is emotioneel rijp voor haar leeftijd.  Bovendien is ze aantrekkelijk (ze is immers de blonde versie van haar moeder en haar bescheidenheid heeft ze ook), heeft ze een goed gevoel voor humor en  een sterk ontwikkeld rechtvaardigheidsgevoel. Maar ondanks al deze goede eigenschappen slaagt ze er nauwelijks in om vriendschappen aan te knopen.  Vooral met leeftijdsgenoten lukt het niet. Ze heeft absoluut geen voeling met wat er leeft bij andere vijftienjarige meisjes, omdat ze compleet andere interesses heeft. In het eerste middelbaar koos ze als keuzevak hout en metaal. Dit bleek een schot in de roos. Rekening houdend met haar persoonlijkheid en toekomstperspectieven stimuleerden we haar om een technische ‘jongens’richting te volgen, houttechnieken (ze wordt dus schrijnwerker). Ze doet dit graag en met succes. Ze heeft veel technisch inzicht, kan heel nauwkeurig werken en is supergemotiveerd.

Sinds dit schooljaar zit ze op een grote campus. De meisjes waar ze de voorgaande jaren mee optrok zijn naar een andere school gegaan of volgen een andere richting. Deze contacten waren trouwens vrij oppervlakkig en beperkt tot de schooltijd. Met de overgang naar de nieuwe campus werden ze definitief verbroken en moest Arte op zoek naar nieuw gezelschap. Dit bleek geen sinecure. Door als meisje moederziel alleen rond te dolen op een jongensspeelplaats, lokte zij in het begin van het schooljaar al vlug ongewild vervelende reacties uit bij enkele groepjes stoere jongens. Toen deze pesterijen escaleerden, werd er vanuit de school ingegrepen.  Vanaf dan mocht ze tijdens de pauzes binnenblijven om op adem te komen. Het was bedoeld als tijdelijke maatregel totdat zij iemand had gevonden om mee op te trekken tijdens de speeltijden. Arte belandde echter in een vicieuze cirkel waar ze moeilijk uit kan geraken, want tot op heden heeft zij  nog steeds geen gezelschap.

Regelmatig polsten we bij Arte hoe het liep op school. Arte vertelde dan enthousiast over het werkstuk waaraan ze werkte, een playstationkast.  Ook vertelde ze soms over de jongens met wie ze tijdens de lange middagpauze optrok.  In het begin van het schooljaar had een alerte leerkracht immers opgemerkt dat ze niemand had om haar boterhammen samen mee op te eten en hij had haar met succes bij het ‘opruimgroepje’ geïntroduceerd. Tijdens de kleine pauzes bleef zij nog steeds alleen binnen.  Dat verontrustte mij, maar Arte zelf leek er niet zwaar aan te tillen. Ze liep steeds met een brede glimlach rond, waardoor mijn verborgen zorgen van de baan werden geveegd.

Tijdens de paasvakantie had Tia allerlei plannen, een dagje naar Eurodisney met school, een dagje uit met de dansclub, eens afspreken met een vriendinnetjes… Arte daarentegen had geen plannen en haar vader vond dat ze naar de telefoon moest grijpen om met iemand van haar klas af te spreken.  Dit leidde tot zwaar verzet bij Arte, waarin ik haar steunde, wat vervolgens leidde tot een discussie tussen haar vader en mij.  Hij vond immers dat ik het haar te gemakkelijk maakte en ik vond dat hij haar daar niet in mocht forceren. Als ze er niet in slaagt om op school toenadering te zoeken, hoe moet dit dan buiten de schooluren lukken?

Enkele weken later kregen we een mail van coördinator van de leerlingenbegeleidsters, waarin we beiden verzocht werden om met spoed langs te komen om over Arte te praten.  Die avond barstte de bom…

(wordt vervolgd)