waarom ik niet in een kasteel woon

10 Nov

Spreekwoorden zijn het zout der taal.  Ik houd ervan, omdat ze een waarheid of wijsheid vaak op een – naar mijn aanvoelen – humoristische manier  uitdrukken. Meestal leid je al uit de woordkeuze de betekenis af, zoals bij ‘de waarheid komt uit een kindermond’ of ‘een man zonder vrouw is als een paard zonder teugels’. Maar soms is het niet zo vanzelfsprekend om de betekenis te achterhalen. Wat dacht je van ‘een man is geen aardappel’. Ik kende deze uitdrukking niet, ontdekte ze bij toeval naar aanleiding van een kleine research voor dit logje. Louter op basis van het woordgebruik had ik de betekenis niet achterhaald, doch ook dit spreekwoord blijkt een waarheid als een koe te bevatten.

Daarnaast bestaan er ook spreekwoorden die – weeral naar mijn aanvoelen – een loopje met de waarheid nemen, zoals ‘over smaak en kleur valt niet te twisten’.  Toch wel, beste bloglezer, toch wel. Immers, uitgezonderd zijn uitmuntende smaak wat betreft zijn partnerkeuze, vind ik dat mijn man op velerlei vlakken een slechte smaak heeft.  Zo wou hij onze jongste dochter ‘Geneviève’ noemen.  Stel je voor! Geschreven ziet het er nog te pruimen uit, vind ik, maar uitgesproken trekt het op niks, vooral de è-klank vind ik afgrijselijk.  Het brave kind is me tot heden nog steeds dankbaar dat ik er een stokje voor gestoken heb.  De namen van onze kinderen zijn het resultaat van een compromis. Tot deze overeenkomst komen bleek echter een zwaardere bevalling dan de bevallingen zelf.

Verder hebben we een totaal andere goesting qua interieurinrichting.  Mijn man ziet graag logge meubels met uitgestoken jachttaferelen of zo’n verfijnd zwart blinkend Chinees kastje met kleurrijke ingelegde afbeeldingen. Jakkes!  In een Chinees restaurant kan ik het wel appreciëren, zo een zwart gelakt kastje, maar niet in mijn living, no way! Ik houd het meestal het liefst zo simpel mogelijk, zonder kantjes en franjes, rechttoe, rechtaan. Maar ook niet té strak, want dan vind ik het vaak te steriel ogen.

In ieder geval, in de tijd van de franken (ongeveer zestien jaar geleden) trokken we naar een veiling.  We woonden nog bij onze ouders en  hadden dus een zee van tijd.  Op voorhand waren we naar een kijkdag geweest, niet dat we iets nodig hadden, gewoon just for fun.  Er was veel antiek te bezichtigen, onder andere mooie bronzen beeldjes,  kunstwerkjes à la Rodin. Mijn lief wou ook nog bij de handgeknoopte tapijten gaan loeren. Omdat hij er al eentje had meegebracht uit Nepal en dit voldoende was voor onze toekomstige huurwoning, was ik content dat ik hem kon overtuigen om dit gedeelte over te slaan. Te meer omdat ik de enkele exemplaren die ik had gezien maar niks vond. Ze waren immers voorzien van een veel te drukke print, al moet ik bekennen dat ze wel kunstig gemaakt waren.

We hadden nog nooit een veiling meegemaakt. Dat gebeuren op zich was dus al een enorme belevenis.  Aanvankelijk vatten we achteraan plaats.  Maar omdat we op die manier de voorwerpen die geveild werden niet goed konden zien,  kozen we al vlug een nieuw stekje op de tweede rij.  Het veilen ging razendsnel.  Eerst werden de voorwerpen ostentatief in de lucht gestoken en vervolgens volgden discrete handjes. Het werkte aanstekelijk.  Mijn handen begonnen te jeuken en ik moest me beheersen om niet spontaan mee te doen.  Sommige objecten werden aangeboden aan twintig frank en gingen uiteindelijk van de hand voor honderd frank. Andere veranderden voor een duizendvoud hiervan van eigenaar.

En dan liep het mis…

De veilingmeester stak een wollen handgeknoopt Chinees tapijt in de lucht.  De mat had een diepblauwe kleur en was versierd met cirkels van bloemen en vlinders.  Vooral de kleuren spraken me erg aan.  Ik wou bij mijn vriend polsen of hij het ook een prachtig  tapijt vond. “Zouden we een bod doen?” vroeg ik zachtjes en  zonder zijn antwoord af te wachten, stak ik onbedachtzaam mijn hand in de lucht.  Ik was ervan overtuigd dat ik hiermee de tijd om te overleggen een beetje kon rekken, omdat er ongetwijfeld  iemand meer zou bieden. “En dan is dit prachtige tapijt voor achtduizend frank toegewezen aan de juffrouw op de tweede rij,” hoorde ik de veilingmeester in de verte brullen.

Mijn lief keek me lichtjes verbouwereerd aan.  “Wat is er gebeurd?” fluisterde ik verbijsterd in een vreemdsoortige snik-giechel combinatie.  “Je hebt een tapijt gekocht,” repliceerde hij nuchter. “Maar ik moet dat niet hebben”, antwoordde ik met een lichte stemverheffing. “Waarom stak je dan je hand op?” Ja, waarom? Ik wist het niet. Waarschijnlijk had ik me teveel laten meeslepen, was ik meegegaan in de flow van de wuivende handjes, was ik in mijn sas omdat ik de ultieme compromis tussen ons beider smaken had gevonden…

Zenuwachtig las ik het reglement na.  Er kwam nog vijfentwintig procent aan kosten bij.  Doch als ik van mijn aankoop wou afzien, kon ik het opnieuw laten veilen.  Om dan geen verlies te lijden zou het tapijt een kwart meer moeten opbrengen dan wat ik uitgegeven had, een eventuele winst daarentegen werd niet uitbetaald.

Om  bijkomende impulsieve aankopen te vermijden, ging ik preventief op mijn handen zitten (niet echt, maar ik vind het een grappig beeld).  Na afloop en mits cash betaling kon ik mijn ‘prijs’ gaan ophalen.  Met tien briefjes van duizend frank (250 euro naar huidig tarief, ter info van de buitenlandse lezer) stond ik ongeduldig te wachten tussen de antiquairs die zonder verpinken een tienvoud aan biljetten neertelden. Ik kon me niet meer voor de geest halen wat ik gekocht had.  Ik had het immers maar enkele tellen  gezien. Gelukkig stelde het niet teleur.

Enkele weken later werd het kasteel van Ordingen per opbod verkocht. Alhoewel mijn vriend en ik nog niet samenwoonden, werd vanaf dan duidelijk wie van ons twee de broek aanhad. Hij verbood me te gaan! En maar goed ook, want…

ik loop niet graag heelder dagen rond met een kroontje op mijn hoofd!*

.

.

.

Met dank aan Chrissebie voor het leveren van de clou.

Advertenties

16 Reacties to “waarom ik niet in een kasteel woon”

  1. zapnimf 20 november 2012 bij 6:55 pm #

    Uw man met de slechte smaak (misschien moest hij toch eens je blog beginnen lezen) zijn keuze over de meisjesnaam past nochtans perfect bij een kasteel.
    Nog eentje om het af te leren :
    Een vrouw zonder man, is als een schip zonder roer.

    • Joke 20 november 2012 bij 9:56 pm #

      Geneviève, Zap, niet Guinevere.
      En jouw uitdrukking is wel zeer toepasselijk op mij, toch wat betreft mijn legendarische oriënteringsvermogen. Mijn man, daarentegen, vindt de weg zelfs in het donker.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: