Archief | november, 2012

daar komen vodden van

24 Nov

slecht geluimd

en lange tenen

opgezette buik

neiging om te wenen

goesting in chocolade, chips en

ook nog in koek

mocht je ‘t niet doorhebben…

tant’ Marie is op bezoek

Advertenties

waarom ik niet in een kasteel woon

10 Nov

Spreekwoorden zijn het zout der taal.  Ik houd ervan, omdat ze een waarheid of wijsheid vaak op een – naar mijn aanvoelen – humoristische manier  uitdrukken. Meestal leid je al uit de woordkeuze de betekenis af, zoals bij ‘de waarheid komt uit een kindermond’ of ‘een man zonder vrouw is als een paard zonder teugels’. Maar soms is het niet zo vanzelfsprekend om de betekenis te achterhalen. Wat dacht je van ‘een man is geen aardappel’. Ik kende deze uitdrukking niet, ontdekte ze bij toeval naar aanleiding van een kleine research voor dit logje. Louter op basis van het woordgebruik had ik de betekenis niet achterhaald, doch ook dit spreekwoord blijkt een waarheid als een koe te bevatten.

Daarnaast bestaan er ook spreekwoorden die – weeral naar mijn aanvoelen – een loopje met de waarheid nemen, zoals ‘over smaak en kleur valt niet te twisten’.  Toch wel, beste bloglezer, toch wel. Immers, uitgezonderd zijn uitmuntende smaak wat betreft zijn partnerkeuze, vind ik dat mijn man op velerlei vlakken een slechte smaak heeft.  Zo wou hij onze jongste dochter ‘Geneviève’ noemen.  Stel je voor! Geschreven ziet het er nog te pruimen uit, vind ik, maar uitgesproken trekt het op niks, vooral de è-klank vind ik afgrijselijk.  Het brave kind is me tot heden nog steeds dankbaar dat ik er een stokje voor gestoken heb.  De namen van onze kinderen zijn het resultaat van een compromis. Tot deze overeenkomst komen bleek echter een zwaardere bevalling dan de bevallingen zelf.

Verder hebben we een totaal andere goesting qua interieurinrichting.  Mijn man ziet graag logge meubels met uitgestoken jachttaferelen of zo’n verfijnd zwart blinkend Chinees kastje met kleurrijke ingelegde afbeeldingen. Jakkes!  In een Chinees restaurant kan ik het wel appreciëren, zo een zwart gelakt kastje, maar niet in mijn living, no way! Ik houd het meestal het liefst zo simpel mogelijk, zonder kantjes en franjes, rechttoe, rechtaan. Maar ook niet té strak, want dan vind ik het vaak te steriel ogen.

In ieder geval, in de tijd van de franken (ongeveer zestien jaar geleden) trokken we naar een veiling.  We woonden nog bij onze ouders en  hadden dus een zee van tijd.  Op voorhand waren we naar een kijkdag geweest, niet dat we iets nodig hadden, gewoon just for fun.  Er was veel antiek te bezichtigen, onder andere mooie bronzen beeldjes,  kunstwerkjes à la Rodin. Mijn lief wou ook nog bij de handgeknoopte tapijten gaan loeren. Omdat hij er al eentje had meegebracht uit Nepal en dit voldoende was voor onze toekomstige huurwoning, was ik content dat ik hem kon overtuigen om dit gedeelte over te slaan. Te meer omdat ik de enkele exemplaren die ik had gezien maar niks vond. Ze waren immers voorzien van een veel te drukke print, al moet ik bekennen dat ze wel kunstig gemaakt waren.

We hadden nog nooit een veiling meegemaakt. Dat gebeuren op zich was dus al een enorme belevenis.  Aanvankelijk vatten we achteraan plaats.  Maar omdat we op die manier de voorwerpen die geveild werden niet goed konden zien,  kozen we al vlug een nieuw stekje op de tweede rij.  Het veilen ging razendsnel.  Eerst werden de voorwerpen ostentatief in de lucht gestoken en vervolgens volgden discrete handjes. Het werkte aanstekelijk.  Mijn handen begonnen te jeuken en ik moest me beheersen om niet spontaan mee te doen.  Sommige objecten werden aangeboden aan twintig frank en gingen uiteindelijk van de hand voor honderd frank. Andere veranderden voor een duizendvoud hiervan van eigenaar.

En dan liep het mis…

De veilingmeester stak een wollen handgeknoopt Chinees tapijt in de lucht.  De mat had een diepblauwe kleur en was versierd met cirkels van bloemen en vlinders.  Vooral de kleuren spraken me erg aan.  Ik wou bij mijn vriend polsen of hij het ook een prachtig  tapijt vond. “Zouden we een bod doen?” vroeg ik zachtjes en  zonder zijn antwoord af te wachten, stak ik onbedachtzaam mijn hand in de lucht.  Ik was ervan overtuigd dat ik hiermee de tijd om te overleggen een beetje kon rekken, omdat er ongetwijfeld  iemand meer zou bieden. “En dan is dit prachtige tapijt voor achtduizend frank toegewezen aan de juffrouw op de tweede rij,” hoorde ik de veilingmeester in de verte brullen.

Mijn lief keek me lichtjes verbouwereerd aan.  “Wat is er gebeurd?” fluisterde ik verbijsterd in een vreemdsoortige snik-giechel combinatie.  “Je hebt een tapijt gekocht,” repliceerde hij nuchter. “Maar ik moet dat niet hebben”, antwoordde ik met een lichte stemverheffing. “Waarom stak je dan je hand op?” Ja, waarom? Ik wist het niet. Waarschijnlijk had ik me teveel laten meeslepen, was ik meegegaan in de flow van de wuivende handjes, was ik in mijn sas omdat ik de ultieme compromis tussen ons beider smaken had gevonden…

Zenuwachtig las ik het reglement na.  Er kwam nog vijfentwintig procent aan kosten bij.  Doch als ik van mijn aankoop wou afzien, kon ik het opnieuw laten veilen.  Om dan geen verlies te lijden zou het tapijt een kwart meer moeten opbrengen dan wat ik uitgegeven had, een eventuele winst daarentegen werd niet uitbetaald.

Om  bijkomende impulsieve aankopen te vermijden, ging ik preventief op mijn handen zitten (niet echt, maar ik vind het een grappig beeld).  Na afloop en mits cash betaling kon ik mijn ‘prijs’ gaan ophalen.  Met tien briefjes van duizend frank (250 euro naar huidig tarief, ter info van de buitenlandse lezer) stond ik ongeduldig te wachten tussen de antiquairs die zonder verpinken een tienvoud aan biljetten neertelden. Ik kon me niet meer voor de geest halen wat ik gekocht had.  Ik had het immers maar enkele tellen  gezien. Gelukkig stelde het niet teleur.

Enkele weken later werd het kasteel van Ordingen per opbod verkocht. Alhoewel mijn vriend en ik nog niet samenwoonden, werd vanaf dan duidelijk wie van ons twee de broek aanhad. Hij verbood me te gaan! En maar goed ook, want…

ik loop niet graag heelder dagen rond met een kroontje op mijn hoofd!*

.

.

.

Met dank aan Chrissebie voor het leveren van de clou.

weldra op jouw scherm…

6 Nov

waarom ik niet in een kasteel woon…

(laat jullie fantasie de vrije loop, zou ik zeggen)

the broken circle breakdown

3 Nov

Samen met onze jongste zou ik gisteren naar de finale van Belgian’s got talent kijken.  Een onverwachts telefoontje van vrienden bracht echter verandering in deze cocooningplannen. The Broken Circle Breakdown zou het worden.  De veelbejubelde film die ik kost wat kost wou zien en die ervoor zorgde dat we onze kinderen verweesd achterlieten met een zakske chips, een frisdrankje en elkaar als babysit (en de wetenschap dat mijn ouders aan de overkant van de straat wonen).

De film was niet wat ik ervan verwacht had.  Helemaal niet zelfs. Ik had een melige film verwacht, een tranentrekker.  Ik was erop voorzien, had een stoffen zakdoek in mijn mouw  gemoffeld – bij gebrek aan zakken in het kleedje dat ik droeg – en een extra pakje papieren zakdoekjes in mijn handtas gestopt mocht het snotter’genot’ moeilijk te stoppen zijn. Tot mijn grote verbazing heb ik de snotterdoekjes nauwelijks hoeven te gebruiken.

Ik was getuige van een passionele liefde tussen twee mensen. Een oprechte liefde, te perfect bijna en terzelfdertijd toch geloofwaardig.  Het filmkoppel was duidelijk geschapen voor elkaar, hun (ogenschijnlijke) zielsverwantschap was ontroerend mooi en ik moest opletten of ik zou er bijna jaloers op worden, alhoewel ik allerminst ontevreden ben over mijn eigen relatie.  Ik voelde me een voyeur bij het bekijken van hun intieme momenten, maar besefte toen nog niet dat dit nog maar het prille begin was van mijn voyeurisme.

Toen het noodlot toesloeg en hen het ergste overkwam wat een ouder zich kan voorstellen, werd ik getuige van hun onmacht, hun verdriet en hun lijden… Maar wat me vooral trof was hoe een enorme eenzaamheid zich beurtelings meester van hen maakte en hoe dit hun zielsverwantschap op relatief korte tijd deed scheuren en hoe moeilijk het was om dit terug te lijmen, meer nog, ik werd geraakt door het onvermogen om dit te willen lijmen. Ik voelde me haast genegeerd om toe te zien hoe het verder afscheurde… tot aan het onverwachtse einde dat misschien wel hoopvol was voor hun relatie, maar waar je – zonder het hier te verklappen – niet blij om kon zijn.

Pas bij de eindgeneriek liet ik mezelf toe om een traantje te plengen. Ik bleef lamgeslagen in de bioscoopzetel zitten en kon niet begrijpen dat andere bioscoopbezoekers opsprongen om de zaal zo spoedig mogelijk te verlaten.

Omdat onze kinderen alleen thuis zaten, bleven we na de film niet in de stad plakken, maar nodigden we onze vrienden uit om thuis een koffietje te drinken. Onderweg praatten mijn man en ik wat  na over de film, over hoe de ouders het verlies anders verwerkten. “Eerst ging zij in de fout,” begon mijn man “en daarna hij”. Ik begreep wat hij wilde zeggen, maar ergerde mij aan zijn woordgebruik.  Kan je hier van fout spreken?  Het draaide bijna uit op een pittige discussie.

Thuisgekomen kwam onze jongste me enthousiast tegemoet. Dolgelukkig vertelde ze dat haar favorietje, Karolien Goris, de talentenjacht had gewonnen.

Vervolgens wrikte ze zich geïrriteerd los uit mijn (te) stevige omhelzing…