the beauty and the beast

30 Dec

Nooit gedacht, dat ik de wachttijden bij de dokter nog eens zou gaan missen.  Ik zag er altijd tegenop om naar de dokter te gaan, want je wist op voorhand dat je er twee volle uren mee zou verspelen.  Nu hij eindelijk op afspraak werkt en ik slechts maximum 5 minuten in de wachtzaal hoef te verpozen, heb ik – raar maar waar – heimwee naar de lange wachttijden. Ach, wellicht niet zozeer naar de lange wachttijden an sich, maar vooral naar de sfeer in de voorheen gevulde wachtkamer.

Oké, toen ik in de overvolle wachtzaal zat, mocht ik mijn gedachten niet laten gaan naar de zwevende bacteriën en virussen voor wie het constant party-time was. Gemakkelijke prooien, die zieke mensen, maar ze vonden het helemààl dolletjes als ze gezonde mensen konden laten delen in de feestvreugde door hen onzichtbaar te betrekken in hun oneindige orgieën. Ik trachtte dit beeld uit mijn fantasie te bannen als ik de Knack opzij schoof om naar de Story of Dag Allemaal te grijpen, mijn excuusliteratuur als ik, al dan niet ziek, ruim twee uur in de wachtkamer van mijnheer doktoor vertoefde. Ik negeerde de gedachte aan de medepatiënt die net naar het toilet was gespurt met het vliegend schijt en hoopte terzelfdertijd uit de grond van mijn hart dat hij zijn handen grondig gewassen had, als ik ontdekte dat hij, na zijn terugkeer, net een boekje doorbladerde dat ik nog diende door te nemen om up to date te blijven in roddelland, zij het met enige maanden vertraging.

Af en toe ontsponnen er zich, aheum, interessante gesprekken in de wachtzaal. Willens nillens vernam ik welke vervelende kwaaltjes de anderen teisterden of gelaten aanhoorde ik de actueelste dorpsroddels.  Ik spitste echter mijn oren, als het mijnheer doktoor himself betrof. Hij is immers nogal een controversieel figuur: je moet hem of je moet hem niet. Punt. Ik behoor tot de eerste categorie.  Hij heeft nogal een apart gevoel voor humor, humor met een zwart kantje, dat gezien de aard van zijn job niet door iedereen geapprecieerd kan worden.  Ik herinner me dat ik als kind bij hem kwam met een vervelende schimmelinfectie tussen mijn teentjes, vermoedelijk opgedaan tijdens het schoolzwemmen.  “Die zullen we moeten afzetten,” wees hij  met twinkelende ogen naar mijn tenen. Of als je ergens een bobbeltje had. ” ’t Zal wel kanker zijn,” was dan zijn eerste verdict. Vooral dergelijke uitspraken stuitten nogal veel mensen tegen de borst.  Toch zat zijn wachtkammer altijd en immer barstensvol.  Hij had -euh ‘heeft’ nog steeds eigenlijk – immers ook de reputatie om bedreven te zijn in het stellen van de juiste diagnose, geen onbelangrijke kunde in zijn stiel.
Bovendien nam hij steeds voldoende tijd voor zijn patiënten, ongeacht de wachtrij. Dit werd hem door de wachtenden niet altijd in dank afgenomen.  Zo ook niet door Jaak, een vettig dorpsfiguur, die zich mateloos ergerde toen hij wel héél lang tijd nam voor een patiënte. “Dat dùùrt nogal!” kloeg Jaak. “Maar ik heb het wel gezien. Mijnheer doktoor heeft blijkbaar ook geen stront in zijn ogen.  Dat was een ongelooflijk lekker ding dat daar bij hem binnen stapte.  ‘k Kan goed begrijpen dat het zolang duurt.  Hij wil ze niet alleen aan de binnenkant onderzoeken, maar ook aan de buitenkant.  En wij maar wachten….”  Een aantal wachtenden, waaronder ikzelf, begonnen onwillekeurig te gniffelen bij deze uitspraak.  Niet zo zeer omwille van de inhoud, maar vooral omwille van de sappige manier waarop de mottigaard het vertelde.  Mocht ik mijnheer doktoor niet beter kennen, ik zou er met beide voeten intrappen.

Toevallig kwam ik Jaak enkele weken later tegen in een warenhuis. “Seg, weet je nog die keer bij de dokter?” begon hij.  Ik knikte een beetje ongemakkelijk.  “Weet je wat hij tegen mij zei, toen ik binnenkwam?” vervolgde hij onverstoorbaar. “Hij zei: zet je neer, LELIJKE BEEST! Het zal  niet lang duren bij jou.  Geen denken aan dat ik JOU binnenstebuiten keer.”

“Allez nu,” zegt Jaak.  “Ik maakte toch maar een grapje in de wachtzaal.  Wie zou er gebletsjt* hebben?”
“Geen flauw idee, Jaak” en plots realiseerde ik me, al dan niet toevallig, dat ik mijn portefeuille op het dashbord van de auto had laten liggen. Snel maakte ik me uit de voeten…

Grz

Joke

* Limburgs dialect voor ‘geklikt’

Advertenties

2 Reacties to “the beauty and the beast”

  1. micheleeuw 30 december 2011 bij 1:53 pm #

    En jij wist van niets ? 😉
    Of hij heeft een microfoontje in de wachtkamer gehangen en nog beter een cameraatje ! LOL !

  2. Christel 30 december 2011 bij 4:33 pm #

    of Jaak was echt nen “mottigen does”. 🙂

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: